In september sloeg Anja Bruinsma de krant open. ‘Sportmasseur krijgt celstraf voor verkrachting en aanranding’, las ze. Verdrietig sloeg ze de krant dicht. “Voor de zoveelste keer kwam de masseur slecht in het nieuws, omdat iemand zich misdragen heeft. Iemand die waarschijnlijk helemaal geen echte masseur is. Wanneer gaan we als beroepsgroep nu eens echt samenwerken om dit soort misstanden te voorkomen”, vraagt ze zich af.
Zes jaar is Anja inmiddels directeur van het NGS, het Nederlands Genootschap voor Sportmassage. Al sinds het begin zet ze zich in voor de erkenning van het vak van masseur. Die erkenning kan er alleen komen als de kwaliteit van de mensen die dat vak uitoefenen gegarandeerd kan worden. De afgelopen jaren heeft het NGS onder leiding van Anja hier hard aan gewerkt. Op de Alles over massage Kennisdag sprak ze hierover tijdens de plenaire opening.
Iedereen die de massage een warm hart toedraagt, zou samen moeten werken om zo’n landelijk register van de grond te krijgen
Het is een proces van de lange adem, zegt ze. En dikwijls een frustrerend proces. Want ondanks de vorderingen die zijn gemaakt (hierover later meer), is de erkenning van het vak – en daarmee de bescherming van het beroep van masseur – nog ver weg. “Dat maakt me soms verdrietig. In dit land is van alles vastgelegd in regels. Je mag geen kroeg beginnen zonder dat je – terecht – moet voldoen aan allerlei eisen op het gebied van hygiëne en veiligheid. Maar iedereen die wil, mag een bordje op de deur hangen en zich masseur noemen. En vervolgens aan het deels blote lichaam van cliënten gaan zitten. Hoe kan dat nou misgaan?”, vraagt ze zich enigszins sarcastisch af. De veroordeelde masseur uit het krantenartikel uit september is lang de enige niet. En elke keer wordt Anja erop aangesproken. In haar kennissenkring, de sportwereld en door haar professionele netwerk, zowel on- als offline. “Maar als brancheorganisatie weten we helemaal niet wie die personen zijn. Het zijn in elk geval geen leden van ons. En het zou me niets verbazen als ze ook helemaal geen massagediploma hebben. Maar dat weten we niet, want er bestaat geen landelijk register met erkende masseurs, zoals bijvoorbeeld het BIG-register.” Dat zou er volgens Anja wel moeten komen. Liever gisteren nog dan vandaag. Ze kijkt daarbij ook naar de overheid. “Hoe kun je deze situatie als overheid nou toestaan als er jaarlijks zoveel misstanden zijn?” Tot nu toe leveren pogingen om in gesprek te gaan met overheidsinstanties echter nog niets op. Daarom is de branche zelf aan zet, vindt ze. “Iedereen die de massage een warm hart toedraagt, zou samen moeten werken om zo’n landelijk register – waarin alleen masseurs kunnen staan die aantoonbare kwaliteit leveren – van de grond te krijgen. Alleen daarmee kunnen we de beroepsgroep als geheel én cliënten beschermen.
Samenwerking in de branche is echter een heet hangijzer. In het (verre) verleden is er tussen diverse organisaties onenigheid ontstaan en tot de dag van vandaag zijn de gevolgen daarvan merkbaar. Anja is helder over haar standpunt: de strijdbijl uit het verleden moet worden begraven en alle branche-, examen- en opleidingsorganisaties zouden met elkaar om tafel moeten om samen te bepalen “Het is in elk vak zo dat je een onafhankelijke toets doet om te laten zien dat je kennis en kunde beheerst” aan welke kwaliteitseisen een masseur moet voldoen, om daar vervolgens ook onafhankelijk op te laten toetsen. “Dit is tot nu toe helaas onmogelijk gebleken. En in de tussentijd is het voor mensen die het vak willen leren totaal niet duidelijk welke opleiding kwaliteit biedt en welke niet.” Ze noemt een aantal voorbeelden. Een opleider die een tweedaagse online cursus massagetherapie aanbiedt. Een instituut dat reclame maakt met het feit dat er al tien jaar geen enkele cursist gezakt is. En een andere opleider die op basis van gevoel claimt een opleiding op hbo-niveau aan te bieden. Anja: “Zonder officiële inschaling mag je helemaal niet zeggen dat een opleiding op mbo- of hbo-niveau is. En hoe kan het dat er in tien jaar tijd nooit iemand gezakt is? Dat kan alleen als je zelf de examens afneemt in plaats van dat door een onafhankelijk instituut te laten doen. Een geval van een slager die zijn eigen vlees keurt. Hoe kun je nou in twee dagen leren masseren, online nota bene! Dit soort dingen zouden niet moeten mogen. Gelukkig zijn er ook heel goede opleiders die kwaliteit wél hoog in het vaandel hebben, maar dat geldt niet voor iedereen. Voor mensen die een opleiding willen gaan doen, is dit niet duidelijk. Laat staan voor cliënten. Die zien alleen dat hun masseur een ‘erkende’ opleiding heeft gedaan. Maar erkend door wie?
Het is heel normaal dat je je kennis moet blijven bijspijkeren om in een vak werkzaam te mogen blijven
Al jaren spreekt Anja zich hierover uit. Regelmatig post ze haar mening op LinkedIn, vaak naar aanleiding van weer een misstand waardoor de hele beroepsgroep in een kwaad daglicht wordt gesteld. Een deel van de reacties die ze dan krijgt, noemt ze stuitend. “Er zijn zoveel mensen die zeggen dat ik me niet aan moet stellen. Die vinden dat ik er niet over ga. Mij wordt verweten dat ik vind dat alleen masseurs met een NGS-diploma goede masseurs zijn. Maar dat zeg ik niet en dat heb ik nooit gezegd ook. Wat ik wel zeg, is dat andere masseurs kwalitatief goede masseurs kunnen zijn, maar dat het niet toetsbaar is. Soms hebben ze niet eens een diploma, of ze hebben een diploma van een opleider waarmee wij om kwaliteitsredenen niet mee samenwerken of een diploma van het instituut zelf. Als ik dan zeg: ‘Laat je kwaliteit onafhankelijk toetsen, haal je NGS-licentie en maak je kwaliteit zichtbaar’, dan willen ze dat niet en zeggen ze dat het NGS aan geldklopperij doet. Maar het is toch in elk vak zo dat je een onafhankelijke toets doet om te laten zien dat je kennis en kunde beheerst? En het is ook heel normaal dat je je kennis moet blijven bijspijkeren om in een vak werkzaam te mogen blijven.” Anja wil heel graag in gesprek met de andere brancheorganisaties en opleiders. “Zijn wij misschien te streng? Gaan we te diep op de materie in? We hebben een aantal jaar geleden beroepsprofielen gemaakt. Die heb ik naar onze collega-brancheorganisatie opgestuurd. Maar ik heb nooit een reactie gehad. Als men niet eens het gesprek aan wil gaan, wordt het wel heel lastig om als branche gezamenlijk de verantwoordelijkheid te nemen en de kwaliteit in de branche te waarborgen, laat staan handhaven.”
Anja was het wachten beu en daarom heeft het NGS de afgelopen jaren zelf een aantal stappen gezet om in elk geval de kwaliteit van de bij het NGS aangesloten masseurs te waarborgen. Het licentiesysteem en het opstellen van de beroepsprofielen zijn de belangrijkste stappen. Iedere NGS-masseur met een geldige licentie (wie zijn licentie wil behouden moet elke vijf jaar voldoende geaccrediteerde scholingen volgen en in de praktijk werkzaam blijven) staat op vindeenmasseur.nl. “Dat is in de praktijk ons eigen kwaliteitsregister. Daar komen alleen masseurs op waarvan we weten dat ze aan de kwaliteitseisen voldoen omdat ze de juiste opleiding hebben en zich laten bijscholen via geaccrediteerde scholingen. Daar zijn we pertinent streng is. Zo kunnen we het kaf van het koren scheiden. Ik snap echt wel dat daardoor masseurs benadeeld worden. Daar zitten ongetwijfeld masseurs bij die goed werk leveren. Maar pas als ze dat aantonen door hun NGS-licentie te halen, kunnen we voor die kwaliteit instaan.” “Het NGS doet dit niet om masseurs te pesten of op kosten te jagen”, zegt Anja. “We doen dit omdat we het beroep van masseur serieus nemen. En omdat we misstanden willen voorkomen. Cliënten moeten ervan op aan kunnen dat ze naar een masseur gaan die goed is in zijn of haar vak. Een kwaliteitsregister is daarvoor de enige tool. Het liefst zouden we dit met de hele branche doen. Maar zolang dat niet mogelijk is, doen we het als NGS zelf. Alleen als een masseur zich heeft aangesloten bij een brancheorganisatie, een licentie en een klachtenregeling heeft, is die aanspreekbaar op zijn of haar handelen.”
Sinds februari van dit jaar is de opleiding tot NGS-masseur (sport en wellness) ingeschaald op NLQF niveau 4. Dit niveau is vergelijkbaar met mbo 4. NLQF staat voor Netherlands Qualification Framework en helpt om het niveau van diploma’s en certificaten beter te begrijpen en met elkaar te vergelijken. Het NLQF is gekoppeld aan het Europese kwalificatieraamwerk EQF. Het NLQF kent acht niveaus, vergelijkbaar met vmbo basis tot en met promovendus aan de universiteit. Elke door de overheid erkende opleiding (bijvoorbeeld de havo op de middelbare school, een mbo-opleiding aan een ROC of een master op een universiteit) staat automatisch in het NLQF. Niet door de overheid erkende private opleidingen kunnen zich laten registreren en inschalen door het nationale coördinatiepunt NLQF. Dit heeft het NGS gedaan voor de opleiding tot NGS-masseur. Aan de inschaling zijn strenge eisen en kosten verbonden. Er is onder andere een validiteitstoets en een audit nodig. Het traject kan meer dan een jaar duren. Sinds begin dit jaar is de opleiding geregistreerd in het NLQF-register. Dit betekent dat de opleiding tot NGS-masseur onafhankelijk is ingeschaald op het niveau NLQF 4. “We bieden dus die kwaliteit. Onze leerdoelen kloppen, de procedures rondom de examens zijn goed. Dit is door het NLQF getoetst. De NLQF-inschaling geeft het NGS-diploma meer waarde. Andere opleidingen en bijscholingen mogen niet een bepaald niveau claimen als ze niet ingeschaald zijn door het NLQF”, zegt Anja. Zolang er geen centraal kwaliteitsregister is voor masseur, kan het NLQF-register dat in de praktijk wel worden. Alleen opleidingen die voldoen aan strenge kwaliteitseisen worden immers in het register opgenomen. “NLQF gaat een enorme meerwaarde zijn. Ik ben dan ook heel blij met deze ontwikkeling. Uiteindelijk vind ik dat elke opleiding van elk instituut zou moeten worden ingeschaald. Dan wordt het niveau voor iedereen duidelijk en zijn de opleidingen en de kwaliteit goed met elkaar te vergelijken.”