Sportpsycholoog Marjolein Torenbeek over het motiveren van sporters in corona-tijd

Maandenlang niet kunnen sporten maakt een sporter onzeker

Ook de sportwereld lijdt onder de coronamaatregelen. Door restricties mag er nauwelijks gesport worden, waardoor teams uiteenvallen en de motivatie van de individuele sporter ver te zoeken is. Ook voor masseurs is er een andere situatie ontstaan. Sportpsycholoog Marjolein Torenbeek adviseert momenteel veel coaches en sporters over hoe ze om kunnen gaan met de situatie.

Corona ontwricht de samenleving en heeft ook veel veranderd voor sporters. Weg is het ritme van regelmatig bewegen, onderdeel uitmaken van een groepsproces en het halen van persoonlijke doelen. Niet voor niets luidde de FIFPRO (de internationale organisatie voor profvoetballers en voetbalsters) afgelopen zomer tijdens de eerste coronagolf, al de noodklok over angstgevoelens en depressies bij voetbalprofs, die in die tijd waren verdubbeld.

Sportpsycholoog Marjolein Torenbeek kan zich er iets bij voorstellen. Ze begeleidt normaalgesproken coaches en sporters. Vooral bij hun persoonlijke ontwikkeling en het leren omgaan met wedstrijddruk. Ze werkt onder andere met talentvolle basketballers, lacrossespelers, judoka’s, hockeyers en turners. Tussen die sporten zijn de nodige verschillen. “De turners met wie ik werk, hebben bijvoorbeeld een topsportstatus en die mogen nog wel binnen trainen”, zegt Marjolein. “De judoka’s hebben die status niet en die mogen dus de dojo niet in.”

De sportpsycholoog helpt de sporters om grip te krijgen op de situatie door het stellen van persoonlijk doelen. “Ik laat ze allereerst weer bedenken wat ze zo tof aan hun sport vinden, wat hun droom is en hoe ze daar naartoe kunnen werken. Ik stel ze de concrete vraag wat ze de komende vier weken kunnen doen om die droom mogelijk te maken. En in deze coronatijden: wat is er nog wél mogelijk om ervoor te zorgen dat die doelen worden bereikt?”

Het gevoel van grip hebben op de situatie is een eerste belangrijke factor bij het succesvol omgaan met tegenslag. En grip, dat ervaren de meeste sporters helemaal niet. “Maandenlang niet kunnen sporten maakt een sporter onzeker. Want: wat is je niveau, als je je al maanden niet hebt kunnen meten in wedstrijden? Daarbij komt dat niemand weet wanneer er wel weer maximaal gesport kan worden op de manier waarop men dat gewend was”, zegt Torenbeek. “Daardoor is er geen perspectief en geen controle over de situatie.” Ze helpt sporters zich daarom te focussen op waar ze wél controle over hebben. “Ze moeten ervoor zorgen dat ze goed en gezond blijven eten. Dat ze ritme blijven houden in een dag en op tijd opstaan. En ook: de individuele trainingen blijven uitvoeren waardoor ze in conditie blijven. Hoe zwaar of vervelend dat soms ook is.”

Motivatieproblemen

Een helder doel en stappenplan om dat doel te behalen, helpt ook de motivatie te vergroten. Want individueel blijven trainen terwijl je deel uitmaakt van een team, valt niet altijd mee, erkent Marjolein. “Het plezier in sport is door corona in veel gevallen weggevallen. En het is lastig om de energie op te brengen er vol voor te gaan en doelen te bereiken, omdat ze nu niet die activiteiten mogen uitvoeren waarvoor ze intrinsiek gemotiveerd zijn.”

Er zijn drie verschillende soorten intrinsieke motivatie en drie motieven die ervoor zorgen dat sporters plezier beleven aan hun sport. Er is het plezier van iets nieuws leren, zoals een nieuwe techniek of tactiek. Er is het plezier van het bereiken van bepaalde doelen, zoals jezelf verbeteren en het winnen van een bepaalde tegenstander. En er is plezier van het krijgen van een energieboost die je tijdens het sporten kunt ervaren, zoals tijdens een een-tegen-een-duel of het maken of tegenhouden van een doelpunt.

Marjolein: “Al die drie verschillende soorten motivaties zijn nu weggevallen in de sport. Je kan wel op je eigen zolder aan krachttraining doen of buiten gaan hardlopen, maar dat is niet waarom je die specifieke sport bent gaan doen. Je bent voetballer geworden om de duels aan te gaan met een tegenstander en duels en tegenstanders zijn er op dit moment niet.”

Daarbij is het kleedkamergevoel weg en sporters missen dat. Ze missen de onderlinge humor die teamsporten zo mooi maakt, het wij-gevoel en de gezellige derde helft in de kantine. Sporters ervaren de coronarestricties zoals gezegd als een vorm van tegenslag. “Daarbij is allereerst het gevoel van grip of controle belangrijk”, zegt Marjolein. “De sporter verlies het gevoel van controle over de situatie en wordt daar passief van. Ten tweede is het verkrijgen van sociale steun van bijvoorbeeld teamgenoten erg belangrijk. Voelt de sporter steun en contact met ploeggenoten, dan is het omgaan met tegenslag gemakkelijker. Sporters die nu weinig sociale contacten hebben als gevolg van de maatregelen, worstelen meer met de situatie.”

Synergie

Het niet kunnen sporten heeft ook gevolgen voor de synergie binnen een sportteam dat door coronatijden nog slechts op papier echt een team genoemd kan worden. “Wat je bij veel teams ziet, die na de zomer nog wel even bij elkaar konden komen omdat de restricties toen niet zo strikt waren, is dat de teamvorming nauwelijks op gang is gekomen”, zegt Marjolein. “Bij bestaande teams gaat het nog wel, maar als je nieuw bij een team bent gekomen, dan is het heel lastig om er je er daadwerkelijk onderdeel van te voelen. Het onderdeel voelen van een team is afhankelijk van regelmatig contact, dat er in normale omstandigheden vaak twee á drie keer in de week is. Nu is dat contact er niet of nauwelijks. Er is geen groepsdynamiek of er zijn losse eilandjes ontstaan van mensen die elkaar goed liggen of elkaar al kenden.”

Geblesseerde spelers

Lastiger is het misschien nog wel voor geblesseerde spelers. “Die hebben het sowieso al vaker moeilijk om zich onderdeel van een team te voelen. Wat ik bij teamsporten vaak zie, is dat dat geblesseerde spelers een tijd niet naar de trainingen en wedstrijden kunnen komen, waardoor ze in zekere zin worden vergeten. Op die manier voelen ze zich al snel eenzaam. Dat er nu restricties zijn op de club maakt het nog moeilijker. Even naar de club komen om contact te krijgen met vrienden of teamgenoten is moeilijker in deze situatie.”

Zo zijn er bij verschillende topsporten, die wel weer zijn opgestart, slechts een beperkt aantal coronatests beschikbaar voor wedstrijden. Die zijn dan voor de sporters die wel kunnen spelen. Geblesseerde spelers mogen zich dan niet op het sportcomplex begeven.

Sowieso zijn geblesseerde spelers binnen het teamproces altijd wel een onderbelicht punt volgens Marjolein. “Op het moment dat ze weer terugkomen wordt er gedacht: ‘tof dat je weer terug bent, je kan weer lekker meedoen. Maar als iemand thuis zit met een blessure, voelen mensen zich toch vaak eenzaam of vergeten.” Coaches gaan daar op verschillende manieren mee om. “Er zijn coaches die goed contact onderhouden met geblesseerde sporters, en er zijn coaches die zich voornamelijk concentreren op de spelers die wel fit zijn.”

Masseur

Ook de verzorger of masseur kan zijn werk dikwijls niet op de gebruikelijke manier uitvoeren. Op de massagetafels komen de verhalen los die misschien moeilijker zijn te delen met trainers of teamgenoten. Gesprekken met de masseur zijn hierdoor een belangrijke vorm van sociale steun waar de meeste geblesseerde sporters behoefte aan hebben. “Mentaal gaat er van een masseur of verzorgder vaak ook een stukje begeleiding uit, en dat val voor velen nu weg.”

“Sociaal contact, echt verbinding maken met elkaar, is in deze tijden essentieel om sporters betrokken en gemotiveerd te houden”, stelt Marjolein Torenbeek, die daarin een taak ziet weggelegd voor de coach, maar ook voor de spelers zelf. “Een coach kan ervoor zorgen dat er meer contacten ontstaat dan nu het geval is, als dat niet vanzelf gebeurt.”

De coach kan bijvoorbeeld online meetings organiseren, waarin ruimte is voor persoonlijk contact én plezier. Maar er zijn natuurlijk creatievere manieren. “Ik zou ze aanraden om de spelers zelf daarin zoveel mogelijk te betrekken. In plaats van zoommeetings waarin iedereen braaf achter de laptop zit en afwacht, kan je gezamenlijk een online breakout room doen. Of je laat de spelers om de beurt een vlog opnemen over wat hij of zij allemaal meemaakt op een dag. Een geblesseerde speler kan een vlog opnemen over zijn of haar revalidatie. Waardoor de rest van de selectie denkt: ‘oh ja, die was geblesseerd en doet nog steeds elke dag oefeningen’. Ze kunnen zien hoe de speler vorderingen maakt in de revalidatie, wat hen weer motiveert.” Het beste en het leukste is als de spelersgroep hier zelf het voortouw in neemt. “De jeugd is daar over het algemeen heel creatief in, dus maak daar vooral gebruik van.”

Ontvang je het NGS magazine (nog) niet? Je kan ook een los abonnement of een los magazine bestellen. Bekijk het snel via onderstaande link!